twitter-logo-2 facebook-art Arkade LinkedIn

Arkade-logo01

 

 Leskist

Identiteit in de praktijk: leskist Hindoeisme

In november 2017 werd met alle groepen van de Sint Jozefschool uit Amsterdam Buitenveldert de wereldreligie hindoeïsme behandeld. Dit werd gedaan met (digitale) lessen in de klas en voor iedere klas een bijeenkomst met de voorwerpen uit de leskist van Arkade. Hier waren ook een aantal ouders bij betrokken.

Aan de leerlingen van groep 5B vroeg juf Romy om een briefje te schrijven naar een fictieve schrijfvriend(in). Met daarbij de volgende richtvragen: welke god vond je het raarst, leukst of interessant? Welk verhaal sprak je aan? En van welk feest kan je nog iets vertellen?

Eerst moest even uitgelegd worden wat een penvriend(in) eigenlijk is, maar daarna ging de klas fanatiek aan de slag, want de leerlingen zijn nogal competitief ingesteld.

Hieronder een (onbewerkte) greep uit wat de leerlingen zoal opschreven.

‘Lieve Noor, 

Ik hep geleert over het hindoeïsme. Er zijn vrouwe met een stip op hun voorhoofd en maar mannen met een streep en ze teken met alemaal voorleke kleurtjes op oliefante en hebbe ook veel feeste en lekkere dinge en ze hebben ook roze water en de oliefant heet ganesh en ze hebben kleurpoeder en het feest is het holifeest en ze gooie het kleurpoeder op elkaar! Het verhaal over ganesh vond ik heel zielig, maar ook intresant, ik zou nog zoon les willen’

’Lieve Ramon,

Er is ook nog een lichjesfeest. Ze hebben miljoenen lichtjes, kaarsen, lampen. Dat doen ze om de boze geesten weg te jagen. Eigenlijk een soort van vuurwerk! Maar dat is nog niet alles! Want er zijn heel veel geesten. (dat denken hun) Doei!’

‘Lieve Florien,

Ik heb zoveel geleerd op school. Het waren leuke verhalen! Het hindoeïsme doen ze het meest in India. En niks hoeft alles mag. Behalfen aardig zein. Ik vind het leuke lessen. Het is jammer dat dit de laatste les is. Wist je dat een koe heilig is? En er is een plaats die is heilig, ik weet niet meer welke. En ik vind dat ze leuke muziek hebben. Nou hep ik zon beetje alles verteld. Ik hoop dat het leuk vond.’

‘Lieve Fee,

Ik heb je gemist, maar laten we door gaan naar het vorige. Ik wou je wat vertelen over het hindoeïsme. Ze hebben daar een feest. Het honingfeest. Dan strooien ze poeder op elkaar.’

‘Lieve Henk,

Ik heb op school geleerd wat het hindoeïsme is! Ik heb geleerd wie de goden zijn, bijvoorbeeld Ganesh. Ganesh heeft een dierenhoofd! Weet je waarom? Omdat zijn moeder aan het douche was. Maar zijn zoon moest de wacht houden, niemand mocht naar binnen, maar toen kwam zijn vader. En toen zij zijn zoon: niemand mag naar binnen en hij zei het wel 3 keer! Toen werd hij woedend en hakte zijn hoofd eraf! Maar toen kwam zijn vrouw en zij ze: waar is onze zoon? Oh nee ik zijn hoofd eraf gehakt! Ik ga alle lakeien sturen om een nieuw hoofd te zoeken, het maakt niets uit of het een dier is. Na een kwartier hebben ze een olifantenhoofd gevonden en ze zetten de kroon op dat hij weer kon leven. Einde.’